Doornenburgs Dialect (1)

Omdat het vakantietijd is en DeDoornenburger lekker met de vuutjes in de Indische Oceaan baddert gaan we komende tijd even op herhalingscursus ‘Doornenburgs Dialect’.
Kent u ze nog?

Doornenburgs Dialect! Een onregelmatig verschijnende lijst van Doornenburgse dialectwoorden zoals die door Vàt en Moet in lang vervlogen tijden werden gebezigd.

Vandaag deel 1:

KNOAS

(m/v, mv: ~e, zelfst.nw) Klein irritant vliegend wezentje dat opduikt als je d’r nèt gin erg in hebt. Meestal ‘s nachts dus als je ligt te knarre slapen. Vliegt in de periode mei tot en met september enigszins onbeholpen en oncontroleerbaar rond, niet gehinderd door enig gevoel voor privacy. Zo gauw het écht koud wordt zie je ze niet meer. De mietjes.

Danst met soortgenootjes op zomerse dagen in de ondergaande zon enthousiast de veleta, boerenpolka, paso doble, de Sensation White EN Black achter elkaar. En dat zonder knalletjes, pilletjes of drankjes.

Er zijn verschillende soorten zoals de KNUTKNOAS, de MalariaKNOAS, de LangpootKNOAS en de SteekKNOAS.

In Doornenburg veelvuldig te vinden bij waterrijke plaatsen zoals de Kruuspoel, Klompenward en rondom de Linge. En op slaapkamers helaas.

Alternatieve benamingen: zoemmonster, mug, kloteding

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*